Mineralen voor geiten

Mineralen voor geiten
In de praktijk krijgen hobbygeiten in Nederland te weinig of niet de juiste mineralen binnen. De dierenartsen die wij spreken, zien bij geiten met problemen vrijwel altijd bloedwaarden die niet goed zijn. Deze afwijkende bloedwaarden zijn terug te leiden tot te weinig krachtvoer of verkeerd krachtvoer.

Schapen, geiten en runderen
Geiten hebben vergeleken tot een rund een naar verhouding grotere pens en een snellere vertering. Hoewel een rundveebrok qua gebruikte grondstoffen vaak redelijk overeenkomt met die van een geitenbrok, liggen de verhoudingen wat anders en is het eiwitgehalte in de meeste rundveebrokken aan de lage kant voor geiten.
Schapenvoer is niet geschikt voor geiten. De grondstofverhoudingen liggen anders en de mineralenverhoudingen al helemaal. Naast calcium en fosfor kijken we dan vooral naar koper. In schapenvoer zit geen toegevoegd koper. Geiten hebben een behoorlijke behoefte aan koper voor vorming van bloed, voor de vacht, voor pigmentvorming en kwaliteit van de hoeven.
Een hert en een geit kunnen vaak wel met hetzelfde voer worden verzorgd.

Liksteen of Likemmer
Er zijn likemmers voor runderen en ook voor schapenrassen met een koperbehoefte. Aan deze emmers zullen geiten ook likken om mineralen op te nemen. Maar omdat de opname enorm verschilt tussen geiten onderling, raden wij het gebruik van likemmers bij geiten af.
Het plaatsen van een liksteen is wel een goed idee. Wij adviseren om altijd een KNZ Jongveeliksteen ter beschikking te stellen aan geiten. Voor de mineralenopname is een liksteen naast een juiste krachtvoerverstrekking niet noodzakelijk, maar een beetje extra zoutinname stimuleert een hogere wateropname. Een hoge wateropname is bij geiten, en zeker bij bokken en hamels, een must om het risico op struvietvorming te minimaliseren.

Koper voor geiten

Koper speelt een essentiële rol in de voeding van geiten. Het is betrokken bij stofwisselingsenzymen, bloedvorming, de gezondheid van bloedvaten, pigmentatie, haargroei en de algehele weerstand. Ruwvoer bevat vaak onvoldoende koper om volledig aan de behoefte van de geit te voldoen. Alleen op goede kleigrond bevat gras en hooi voldoende koper voor geiten. Daarom is het nodig koper aan te vullen. In krachtvoer is in de EU wettelijke een maximale bovengrens van 20 mg/kg voorgeschreven waar bijvoorbeeld in Canada tot 80mg/kg voor geiten wordt geadviseerd. Dit is wellicht mede ingegeven door ontbrekend koper in het ruwvoer aldaar.
De opname van koper uit de voeding is gemiddeld slecht bij geiten, vooral in rantsoenen met hoge gehaltes aan molybdeen en zwavel, en in mindere mate ook door de aanwezigheid van ijzer en zink. Een hoog kopergehalte in het krachtvoer en voldoende dagelijkse krachtvoergift is daardoor volgens ons een must!

De eerste tekenen van kopertekort bij geiten zijn vaak zichtbaar aan een doffe beharing. Kale plekken kunnen op luizen duiden, maar vaker is de oorzaak een koper en/of zinktekort. Ook uit een kopertekort zich meestal in de zogenaamde koperbril (haren zonder pigment rondom de ogen) en een zwaaiende gang (sway-back) bij lammeren. Naarmate het tekort verergert, kan de vruchtbaarheid afnemen en kunnen ernstige diarreeklachten optreden. Kopertekort wordt ook geassocieerd met vertraagde groei, verdikte gewrichten, slechte algehele conditie, verminderde eetlust, doodgeboortes, bloedarmoede en gebroken botten.

Geiten zijn, in tegenstelling tot runderen, veel minder in staat om koper op te slaan in de lever voor gebruik in tijden van tekorten. Dit zou kunnen verklaren waarom kopergebrek vaker voorkomt bij geiten, vooral bij meerlinggeboorten.
Ga niet zelf extra koper aan het rantsoen toevoegen! De adviezen op basis van Voerwaarts geitenvoer en de geadviseerde voerschema’s zijn toereikend! Koperovermaat veroorzaakt leverbeschadiging waardoor geelzucht en verzwakking ontstaat met plotselinge dood, vooral van lammeren.

Mineralen en spoorelementen

Naast calcium, fosfor en koper zijn er ook andere mineralen en spoorelementen (micro-mineralen) die essentieel zijn voor de gezondheid, melkgift, en de normale groei en ontwikkeling van geiten. De benodigde hoeveelheid mineralen en spoorelementen voor een geit is vrij specifiek. Zowel tekorten als een overmaat kunnen schadelijk zijn. Geiten kunnen zelf geen mineralen of spoorelementen aanmaken. De meeste mineralen en spoorelementen worden opgeslagen in de lever. De voorraad van deze mineralen weerspiegelt de opname en benutting vanuit het rantsoen en drinkwater over de laatste vier tot acht weken.

Mineralen die geiten regelmatig en in behoorlijke hoeveelheden voor allerlei lichaamsprocessen nodig heeft zijn calcium, fosfor, chloride, kalium, magnesium en natrium.
Spoorelementen zijn micro-mineralen die het dier elke dag in hele kleine hoeveelheden nodig heeft. Voorbeelden van spoorelementen zijn koper, kobalt, jodium, zink, selenium, ijzer, mangaan, chroom en molybdeen.

Tekorten aan mineralen en spoorelementen leveren problemen op. Soms vrij acuut, maar vaak geleidelijk. Maar een overschot kan ook behoorlijke problemen opleveren. In onderstaande tabel geven we een weergave van de belangrijkste mineralen en spoorelementen, hun functies en de gevaren bij een tekort of een overmaat.